Aanmelding van nieuwe leerlingen

Ouders die een kind willen inschrijven op onze school worden uitgenodigd voor een intakegesprek. Zij ontvangen dan uitvoerige informatie over de school, een inschrijfformulier en een ouderverklaring ter vaststelling van het leerlinggewicht. Zodra het inschrijfformulier en de ouderverklaring zijn ondertekend en ingeleverd is er sprake van een definitieve inschrijving. Wij bieden ouders die belangstelling hebben voor onze school de gelegenheid om hun kind(eren) een dagdeel mee te laten draaien

Toelatingsbeleid vierjarigen

De scholen binnen de Stichting Openbaar Onderwijs Oost Groningen hanteren de volgende
regels inzake het toelatingsbeleid voor de leerlingen die nog vier jaar moeten worden:
Vanaf vier jaar zijn leerlingen welkom op school.
De leerlingen worden geplaatst op de dag dat zij de vierjarige leeftijd hebben bereikt of zo spoedig mogelijk daarna in overleg met de directie van de school.
In de periode vanaf de leeftijd van 3 jaar en 10 maanden tot het bereiken van de leeftijd van 4 jaar wordt in overleg met de ouders en de school bepaald wanneer de kinderen kunnen komen kennismaken. Hierbij wordt wettelijk uitgegaan van maximaal vijf dagen. In deze periode zijn de kinderen geen leerlingen in de zin van de wet. Vanuit het Passend onderwijs hebben wij het SOP opgesteld. Hierin staat de verdere aanmelding beschreven. Deze is te raadplegen op onze website.

Voor het eerst naar school

Dit is voor het kind en zijn ouders een belangrijke stap op de ladder van “het groot worden”. Het kind krijgt een eigen wereld op school, apart van thuis. Deze overgang van thuis naar school kan heel soepel, maar soms ook heel moeilijk verlopen.

Voor het kind betekent het dat:
Je elke dag naar school gaat.
Je moet wennen aan allerlei nieuwe regels.
Je moet meedoen in een groep.
Je dus rekening moet houden met wat andere kinderen willen.
Je eigen boontjes moet doppen.
Je van dit alles heel moe kunt worden.

Voor een ouder kan het betekenen dat:
U voor het eerst sinds lange tijd weer alleen bent.
U zich afvraagt of het kind zich wel alleen kan redden in de groep.
U denkt: “Als juf er maar rekening mee houdt, dat mijn kind zo verlegen of aanhankelijk of snel driftig of koppig of ………….is”.
U merkt, dat u uw kind voor een groot deel van de dag moet “loslaten”.